Zompmaskerbij - Hylaeus gredleri
H. gredleri was kort na het afsluiten ( 1983) van het onderzoek naar maskerbijen in Nederland (Koster, 1986), nieuw voor de Nederlandse fauna. Hier alleen volstaan met een overzicht van de voornaamste gegevens afkomstig uit documenten van andere auteurs.
Het soortenpaar H. brevicornis en H. gredlei is moeilijk te onderscheiden. Zie: Hans Nieuwenhuijsen, Ivo Raemakers (2009)
  Vrouwtjes  
- Voorhoofd in het kuiltje net boven de antenne-inplanting zeer verspreid bestippeld en vettig glanzend (foto 1). De gezichtsvlekken zijn vaak, maar niet altijd, driehoekig en kort. H. brevicornis
- Voorhoofd in de verdieping boven de antenne-inplanting duidelijk vrij dicht bestippeld, tussenruimten niet groter dan de stippen zelf (foto 2). De gezichtsvlekken zijn lang en lijnvormig. H. gredleri
  Mannetjes  
- Voorhoofd in kuiltje boven de antenne-inplanting matglanzend, onduidelijke leerstructuur, nauwelijks
gestippeld.
H. brevicornis
- Voorhoofd, ook in kuiltje boven de antenne-inplanting, dicht met grote stippels bedekt, tussenruimte meestal tot stipgrootte. H. gredleri
Samenvatting Peeters, T.M.J., Raemakers, I. P., Smit, Jan: Deze maskerbij is moeilijk te onderscheiden van Hylaeus brevicomis. Herdeterminatie van het omvangrijke materiaal is gewenst. Voor verschillen tussen deze soorten wordt verwezen naar Dathe (1980) en Westrich (1984). In de collectie van Naturalis te Leiden bevinden zich twee mannetjes van 5 juli 1983 uit 'De Doort' bij Echt (leg. Hensen). Deze zijn in 1991 door Dathe gedetermineerd als H. gredleri. Over de biologie is relatief weinig bekend. De vangsten uit Nederland komen uit een vochtig loofbos. De soort nestelt waarschijnlijk in stengels van braam en kruidachtige planten. Het is een polylectische soort. Volgens Baldovski (1987) leeft de soort samen met de rietsigaargalbij Hylaeus pectoralis in met riet begroeide oevers. Hij vond H. gredleri veel op waterscheerling Cicuta virosa en niet op de drie door H. brevicomis meest bezochte planten: zandblauwtje Jasione montana, viltganzerik Potentilla argentea en braam (Rubus). Het is de moeite waard om ook eens in vochtige terreinen naar bijen te zoeken, want hier zijn veel meer soorten te verwachten dan vaak gedacht wordt.(Bron onderstaande link nederlandsesoorten)
Meer info en foto's: http://www.nederlandsesoorten.nl/nsr/concept/0AHCYFAYXWJJ/introduction
  Mannetje