Bijen met 2 submarginale cellen in de voorvleugels: 1e Sm.cel groter dan 2e Sm.cel
Een vrij grote, tamelijk behaarde bij (Lengte 13-15 mm); kop en borststuk geelbruin behaard, met donker gedeelte op het borststuk. Vrouwtjes: tergieten 2-4 (achterlijf) met witte haarbanden; achterpoten met zeer lange verzamelharen.