Kleine harsbijen - Anthidiellum
Een kleine gedrongen, wespachtig gekleurde, weinig behaarde en sterk gepuncteerde bij; zijkant borststuk (mesopleurum) vooraan met een lijst en het schildje (scutellum) sterk plaatvormig verlengd (steekt voorbij het pronotum uit) klauwlid met hechtlapje (pulvillus) lengte 5-7 mm. Vrouwtje: clypeus zwart, naast de ogen met gele tot witte vlekken; scopa wit/witgeel. Mannetje: gezicht en kaken geel tot witgeel; 6e buiksegment met een lange schuin naar achter gerichte stekel; 7e rugsegment in het midden met een tand.