Gehoornde maskerbij
Hylaeus cornutus
Zowel het mannetje als het wijfje zijn duidelijk aan hun afwijkende kopvorm en zwarte kop te herkennen.
Lengte: vr & m 5-8 mm.
Vrij zeldzaam in Limburg en in het zuidoostelijk rivierengebied
Drachtplanten: allerlei planten
Koekoeksbijen: niet bekend
Volledige tekst
Foto's:
Plaat
Vrouwtje
Mannetje
Tekeningen:
kopvorm
bovenkaak
sternieten
Verspreidingskaartje NS in Z-L 1986
Legenda bij kaartje
A Algemeen tot vrij algemeen per provincie of een groot gedeelte daarvan: meer dan 10 uurhokken verspreid
R Regionaal algemeen met 6-10 uur hokken
L Locaal of een kleine regio met 3-5 uur hokken
0 1-2 hokken. 0 symboliseert ook gebieden die misschien sterk onderbemonsterd zijn.
Het verspreidingskaartje is globaal. Het betreft waarnemingen na 1990. In hoofdzaak gebaseerd op het boek De Nederlandse bijen (Peeters et al., 2012)
De kaartjes zijn voorlopig; ze worden in de winter van 2015-2016 vervangen.
--
Vrouwtje: het clypeale gebied (gebied boven de monddelen) steekt van opzij gezien ver boven de ogen uit en aan de mondzijde heeft de clypeus opzij spitse tot stompe tandachtige structuren; bovenkaak met 3 tanden; lengte 4-5 mm.
Mannetje: Bij het mannetje steekt het supraclypeale gebied van opzij gezien ver boven de ogen uit en aan de top hiervan staat de scapus ingeplant. Het gebied achter de scapus is duidelijk gladder en glanzender dan het omliggende gebied, de basitarsus van de middenpoten is knobbelachtig verbreed; sternieten; lengte 4-5 mm.
Vliegperiode: juni - augustus.
Habitat: ruderale terreinen, groeven, spoorwegemplacementen, rivierdijken, oude forten, bosranden
Nesten: in dode stengels van braam, oude gallen van wilde kruisdistel) en in stengels van verschillende kruidachtige planten.
Bloembezoek: is op NS-terreinen verzameld op wilde peen, talrijk op dolle kervel verder op gewone bereklauw,  zevenblad en gewoon duizendblad.
Voorkomen in Nederland: In Nederland voor het eerst  in  Maastricht  waargenomen Tijdens een floristisch onderzoek op spoorwegemplacementen (door de Adviesgroep Vegetatiebeheer te Wageningen) in 1986 is H. cornutus hier talrijk verzameld en waargenomen. Ten opzichte van 1980 heeft H. cornutus zich spectaculair uitgebreid.  Het materiaal was rond 1984 talrijk toegenomen. De populatie was vele male groter geworden. In Nederland onder meer op ruderale terreinen en op de Sint Pietersberg en op de spoorwegemplacementen en rivierdijken.  
 
Gehoornde maskerbij - Hylaeus cornutus Terug
 
 
 
Gehoornde maskerbij - Hylaeus cornutus Terug
Mannetje boven, vrouwtje onder
 
Gehoornde maskerbij (m) Terug
 
Gehoornde maskerbij (m) Terug
 
Hylaeus cornutus Terug
 
Hylaeus cornutus Terug
 
Hylaeus cornutus (m) Sterniet 7 Terug
 
Hylaeus cornutus (m) Sterniet 8 Terug
 
Overzicht van waarnemingen per plaatsen per plant Terug
 
t talrijk; r geregeld; p plaatselijk
Koster, A., 1986. Sterke uitbreiding van de Gehoornde maskerbij (Hylaeus cornutus Curtis, 1831) langs het spoor in Zuid-Limburg. Natuurhistorisch Maandblad 75, 12: 235-238. Volledige artikel